''Eigenlijk was ik mijn moeder meer aan het verzorgen dan zij mij''

In deze reeks artikelen vertellen drie vrouwen hoe het was om op te groeien met een ouder met een verslaving.

Trigger warning: Dit artikel bevat verwijzingen naar verslaving, huiselijk geweld, mentale gezondheidsproblemen, zelfbeschadiging en suïcidaliteit.

Zie jij het leven niet meer zitten? Praten kan opluchten. Je kan 24/7 anoniem chatten via 113.nl of bellen met 113 of 0800-0113 (gratis)

Sitaya Zomer was te gast bij Spot On. Zij vertelde ons over hoe het voor haar was om op te groeien in een gezin met een depressieve moeder met een verslaving en een vader die niet altijd thuis woonde. In het interview vertelt ze hoe ze, op elfjarige leeftijd, samen met haar zus alle taken in het huishouden en de verzorging van haar moeder op zich namen. Hun moeder stond onder toezicht en kreeg begeleiding van diverse instanties. Jammer genoeg was die ondersteuning er niet voor haar en haar zus.

Helaas zijn er veel kinderen in een vergelijkbare situatie. Er zijn geen specifieke cijfers over kinderen van ouders met een verslaving, maar het Trimbos Instituut telt jaarlijks 405.000 ouders met een psychische stoornis en/of verslaving. Dat zorgt ervoor dat er jaarlijks zo’n 577.000 kinderen opgroeien met een ouder met psychische en/of verslavingsproblemen. Deze kinderen lopen het risico om vroeg of laat dezelfde soort problematiek te ontwikkelen. Sinds de coronacrisis blijft het aantal meldingen van huiselijk geweld toenemen bij de kindertelefoon. Vooral op de momenten dat scholen sluiten raken deze kinderen sneller uit zicht. Suzanne (20), Christa (27) en Selin (23) vertellen hoe het was om op te groeien met een ouder met een verslaving.

Lees hier het verhaal van Suzanne:

In dit artikel doet Christa haar verhaal:

Christa [27 jaar] *

‘’Mijn moeder heeft psychische problemen vanuit haar verleden. Haar coping was het gebruik van alcohol. Mijn vader was afwezig, en mijn oudere broer en zus waren ook bijna nooit thuis. Ik ben dus echt alleen opgegroeid. Voor mij was het normaal dat er niet voor me werd gezorgd. Ik wist niet beter.’’

Christa

‘’Eigenlijk was ik mijn moeder meer aan het verzorgen dan zijn mij, ik bood haar structuur aan.’’

‘’Wanneer ik naar school moest maakte ik mijn moeder wakker om eten voor me te maken en voor me te zorgen. Het was heel moeilijk voor haar om uit bed te komen en voor me te koken. Soms kwam ik huilend aan op school, maar ik wist niet waarom ik verdrietig was. Docenten zagen dat wel, maar ik kon niet uitleggen wat er aan de hand was. Ik dacht dat het gewoon normaal was. Als ik ’s middags dan thuis kwam lag mijn moeder nog steeds op bed. Dan keek ik op de klok en vroeg ik weer of ze voor me wilde koken. Op dat soort momenten hoorde ik haar huilen tijdens het koken. Dat doet gewoon pijn. Soms troostte ik haar dan. Eigenlijk was ik mijn moeder meer aan het verzorgen dan zij mij, ik bood haar structuur aan. Ze at meestal in de keuken in plaats van in de woonkamer. Ik leefde echt alleen. Na het eten viel ze altijd in slaap op de bank.

Christa

‘’Toen ik een jaar of zeven was, is ze tijdens het frituren in slaap gevallen, waarna de pan vlam vatte. Mijn broer kwam thuis van zijn nachtdienst en trof het huis in brand aan. Hij heeft toen mijn zus en mij snel uit bed gehaald, en vervolgens de brandweer gebeld. Zij hebben mijn moeder toen wakker gemaakt.’’

‘’Ze was haar gevoelens zo veel aan het uitschakelen dat het soms uitliep op gevaarlijke situaties. Toen ik een jaar of zeven was, is ze tijdens het frituren in slaap gevallen, waarna de pan vlam vatte. Mijn broer kwam thuis van zijn nachtdienst en trof het huis in brand aan. Hij heeft toen mijn zus en mij snel uit bed gehaald, en vervolgens de brandweer gebeld. Zij hebben mijn moeder toen wakker gemaakt.’’

Christa

‘’Als je zelf je eigen kinderen aanmeldt bij jeugdzorg heb je namelijk meer te zeggen, dan als de melding door school gedaan wordt.’’

‘’Op school zagen ze dat het psychisch steeds slechter met me ging. Toen hebben ze tegen mijn moeder gezegd dat ze mij gingen aanmelden bij jeugdzorg, maar dat ze haar eerst de kans wilden geven het zelf te doen. Als je zelf je eigen kinderen aanmeldt bij jeugdzorg heb je namelijk meer te zeggen dan als de melding door school gedaan wordt. Mijn moeder heeft mij toen aangemeld, en ik ben op mijn elfde voor twee jaar bij een vriendin van mijn moeder gaan wonen. Daarna ben ik van plek naar plek verhuisd. Uithuisplaatsing is altijd traumatisch. Maar het was niet dat ik door de politie werd opgehaald ofzo. Het is zo rustig mogelijk verlopen, maar het is wel traumatisch voor mij geweest’’.

Christa

‘’Vanuit jeugdzorg lag de focus vooral op het vinden van een onderkomen. Er werd gezorgd dat mijn lichamelijke ontwikkeling goed verliep. Dus dat ik goed te eten kreeg, ergens kon slapen en naar school kon gaan voor mijn cognitieve ontwikkeling. Maar ik werd niet voorzien van ondersteuning in mijn emotionele ontwikkeling. Daar zijn ze wel echt in tekortgekomen.’’

‘’Vanuit jeugdzorg lag de focus vooral op het vinden van een onderkomen. Er werd gezorgd dat mijn lichamelijke ontwikkeling goed verliep. Dus dat ik goed te eten kreeg, ergens kon slapen en naar school kon gaan voor mijn cognitieve ontwikkeling. Maar ik werd niet voorzien van ondersteuning in mijn emotionele ontwikkeling. Daar zijn ze wel echt in tekortgekomen. Iedereen snapt dat als je als baby niet genoeg voeding krijgt, dat je dan blijvende schade kan oplopen, lichamelijk of in je hersenen. Maar dat is precies hetzelfde met je emotionele ontwikkeling. Als je daar niet goed in wordt voorzien dan krijg je ook blijvende schade.’’ 

Christa

‘’We hebben geen ooms of tantes die de kinderen opvangen. Het is belangrijk om die zorg vanuit de gemeenschap te bieden omdat het beter is voor een kind als het wordt geholpen als het uit iemands hart komt, en niet om iemands portemonnee te vullen.’’

‘’Op mijn elfde ben ik begonnen met zelfbeschadiging, maar daar werd pas iets van gezegd toen ik vijftien was. Voor pleegzorg moest ik vragenlijsten invullen, en daar gaf ik het aan. Er werd toen de diagnose angstig depressief gesteld, maar er is verder niets mee gedaan. Ik geef de individualistische maatschappij hier de schuld van. Wanneer een kind iets fout doet vinden we het normaal om het te corrigeren. Hetzelfde zouden we moeten doen wanneer we zien dat een kind iets tekort komt. Het moet een collectieve verantwoordelijkheid zijn binnen de gemeenschap waarin je woont, vind ik. Maar dat is niet het geval, en daarom hebben we al die instellingen zoals pleegzorg en internaten. We hebben geen ooms of tantes die de kinderen opvangen. Het is belangrijk om die zorg vanuit de gemeenschap te bieden omdat het beter is voor een kind als het wordt geholpen wanneer het uit iemands hart komt, en niet om iemands portemonnee te vullen.’’

‘’Het heeft impact op mijn zelfbeeld gehad. Je voelt dat je niet waardig bent om voor gezorgd te worden. En dat andere mensen het zagen maar niets deden. Wat voor mij heeft geholpen is dat mijn moeder 10 jaar lang in therapie is gegaan. Dat heeft mij veel erkenning gegeven.’’

* Gegevens bekend bij de redactie.