11 januari 2025
Feest van de Doop  van de Heer
Sint Jozefkathedraal in Groningen
Verkondiging door plebaan Victor Maagd

Lezingen
Jesaja 42, 1-4.6-7
Handelingen 10, 34-38
Matteus 3, 13- 17

Het feest van de Doop van de Heer is het laatste grote feest van de Kersttijd. In de afgelopen weken heeft het kind van Bethlehem ons steeds weer samengebracht. Maar nu ontmoeten we Hem als een volwassen man. Zijn doop in de Jordaan markeert een belangrijk overgangsmoment in Jezus’ leven. Sinds zijn twaalfde jaar leidt Hij een verborgen leven in Nazareth. Nu treedt hij uit de anonimiteit. 

Dertig jaar eerder openbaarde Hij zich aan de Wijzen uit het oosten als de pasgeboren Koning. Nu is het de hemelse Vader die Jezus openbaart als zijn veelgeliefde Zoon. Jezus hoort dat God hem liefheeft. Dat Hij behagen in Hem heeft. Jezus deelde deze liefde met de mensen die hem hoorden en zagen. En zo begint Jezus vandaag zijn publieke missie. In dienst van het Koninkrijk van God. Zijn doop markeert het begin van zijn reis. Een tocht die hem van Nazareth naar Jeruzalem zal voeren. Van de heuvels van Galilea naar de berg Golgotha.

Wanneer Johannes aarzelt om Jezus te dopen, geeft Hij hem een mysterieus antwoord: “Laat het nu zo zijn; want zo past het ons alle gerechtigheid te vervullen.” Daarin geeft Jezus aan wat hij in de komende drie jaar zal gaan doen: de ware gerechtigheid een gezicht geven. Hij laat zien wat in Gods ogen recht is.
Hij doet recht aan de overspelige vrouw en wijst hen die haar willen doden op de eigen balk in het oog.
Aan de berouwvolle vrouw, die met haar tranen zijn voeten wast, schenkt hij vergeving en een nieuwe toekomst.
Jezus ogen zien in eerste instantie niet de corruptie van de tollenaar. Maar Jezus’ heilig hart ziet het verlangen van Zacheüs om zijn leven te beteren. Zijn oordeel over het muntje dat de weduwe in het offerblok gooit, is geen menselijke veroordeling van, zoals we in Groningen zeggen, ‘knieperigheid’. Maar Hij doet haar recht en ziet dat zij in die schamele offerande alles heeft gegeven.
En die vervulling van de gerechtigheid, die Jezus aan de oevers van de Jordaan vandaag beloofd, zal hem naar het kruis voeren. 

Daar, op het derde uur op Golgotha, zal Jezus ten ondergaan in het diepe water van de dood. Maar op de derde dag zal hij uit dat koele meer opstijgen. Zoals Hij vandaag na zijn doop meteen opsteeg uit het water. Het evangelie van vandaag is dan ook tegelijk een soort Paasverhaal. 

Een van mijn kostbaarste bezittingen is deze kaars. In 1979 bij mijn doop gegeven aan mijn ouders. Toen klonk een onhoorbare stem die zei: ‘Victor, jij bent mijn geliefde zoon van wie ik veel houd’. Vanaf dat moment was ik niet meer alleen een zoon van Gerard en Leni, maar ook een kind van God. En de Hemelse Vader gaf mij de opdracht om in het spoor van zijn Zoon de gerechtigheid te vervullen. Om te leven vanuit de liefde die de Vader aan mij schenkt. En om deze door te geven aan al zijn geliefde zonen en dochters. Zo wordt het koninkrijk van God hier en nu zichtbaar gemaakt.

Moge het feest van vandaag ons allen aan die opdracht herinneren. En eens zal Hij ook ons uit het water van de dood omhoogheffen. Dan zal hij het onvergankelijk leven schenken dat ons in de doop is beloofd.