‘s-Gravenhage (ANP), 23 februari 2026 – Bij de beëdiging van het kabinet-Jetten hebben twaalf bewindslieden een eed afgelegd en net zoveel bewindslieden een belofte. Bij de eed spraken de ministers ten overstaan van de koning ‘Zo waarlijk helpe mij God Almachtig’ uit en bij de belofte ‘Dat verklaar en beloof ik’.
Vier ministers waren wel aanwezig in Paleis Huis ten Bosch, maar hoefden geen eed of belofte af te leggen, omdat zij al minister waren in het kabinet-Schoof. Staatssecretarissen moeten altijd een eed of belofte afleggen, ook als zij al staatssecretaris waren.
De bewindslieden van het CDA kozen allemaal voor de eed. Op basis van hun levensovertuiging zwoeren ze trouw aan de Grondwet en om hun ambt integer te vervullen. Premier Rob Jetten koos voor de belofte, die losstaat van religie. De meeste D66'ers en VVD'ers maakten dezelfde keuze, op een aantal uitzonderingen na. Ministers Rianne Letschert (Onderwijs, D66), Hans Vijlbrief (Sociale Zaken, D66) en Thierry Aartsen (Werk en Participatie, VVD) en staatssecretaris Claudia van Bruggen (Justitie, D66) legden de eed af. De partijloze staatssecretaris Sandra Palmen (Herstel Toeslagen) ging voor de belofte.
“Op de wijze bij de wet voorgeschreven leggen de ministers en de staatssecretarissen bij de aanvaarding van hun ambt ten overstaan van de Koning een eed, dan wel verklaring en belofte, van zuivering af en zweren of beloven zij trouw aan de Grondwet en een getrouwe vervulling van hun ambt”, aldus de Nederlandse Grondwet, hoofdstuk 2, paragraaf 2,49.
De eed wordt afgelegd als de nieuwe ambtsdrager op basis van een voor haar/hem bekende levensovertuiging wil zweren. Men zweert dan in plaats van dat men belooft en sluit de eed af met de woorden ‘Zo waarlijk helpe mij God almachtig’, terwijl men de twee voorste vingers van de rechterhand omhoogsteekt. Bij de belofte is de toon neutraal. Die wordt afgesloten met ‘Dat verklaar en beloof ik’, zonder een handgebaar.