Faithful attend the Day of Penitence for the Jubilee of Youth at Circus Maximus (Circo Massimo) in Rome, Italy, 01 August 2025. 200 confession stations, with priests available to hear confessions in various languages, will be open for people at the Circus Maximus. EPA/ANGELO CARCONI

Een penitent is een gelovige die boete doet voor zijn zonden in de hoop weer met God en de Kerk verzoend te raken.

Het Nederlandse woord ‘penitent’ is overgenomen uit het Frans: pénitent. Dat komt van het Latijnsetegenwoordig deelwoord pænitens, behorend bij pænitere (‘berouw hebben’). Mogelijk betekende pænitere oorspronkelijk ‘niet voldoen’, ‘niet genoeg zijn’, ‘onbevredigend zijn’, aangezien het is afgeleid van pæne (= ‘bijna’). Lang werd gedacht dat pænitere zou zijn afgeleid van pœna (= ‘pijn’, ‘straf’, ‘boete’), maar dat is niet zo. Dat verklaart wel waarom pænitens vanaf de late oudheid ook als pœnitens werd geschreven.

Een penitent is dus iemand die berouw heeft en daar door middel van boetedoening blijk van geeft. Kerkjuridisch gesproken is een penitent een gedoopte die het boetesacrament (Latijn: sacramentum pænitentiæ) ontvangt. Gebruikte synoniemen van ‘penitent’ zijn ‘biechteling’ en ‘boeteling’.

In de Codex Iuris Canonici (‘Wetboek van Canoniek’) van 1983 is Hoofdstuk 3 van Titel IV van Deel I van Boek IV aan de penitent gewijd:

Canon 987 – Opdat een christengelovige het boetesacrament als een heilzaam middel ontvangt, moet hij zó gesteld zijn dat hij met berouw over de zonden die hij bedreven heeft en met het voornemen zich te beteren, zich tot God bekeert.

Canon 988 – § 1. De christengelovige is verplicht alle zware zonden, na het doopsel bedreven en nog niet door de sleutelmacht van de Kerk rechtstreeks vergeven noch in een persoonlijke biecht beleden, waarvan hij zich na een zorgvuldig gewetensonderzoek bewust is, naar aard en aantal te belijden.
§2. Het wordt de christengelovigen aanbevolen ook hun dagelijkse zonden te belijden.

Canon 989 – Iedere gelovige is, wanneer hij tot de jaren van verstand gekomen is, verplicht minstens eenmaal per jaar zijn zware zonden eerlijk te belijden.

Canon 990 – Het is niemand verboden om met behulp van een tolk te biechten, op voorwaarde dat misbruik en ergernis vermeden worden, (…).

Canon 991 – Iedere christengelovige staat het vrij zijn zonden te belijden bij een biechtvader naar zijn keuze, die volgens het recht bevoegd is, ook al is hij van een andere ritus.