Van tongcommunie is sprake als de priester of een andere bedienaar een geconsacreerde hostie op de tong van een communicant legt.

De communie is het verheven moment waarop de gedoopte het Lichaam en Bloed van Jezus Christus onder de gedaanten van brood en/of wijn ontvangt. In de Kerken van de Oosterse Ritussen is de communie onder beide gedaanten de normale gang van zaken. In de Latijnse Kerk communiceren tijdens de eucharistieviering meestal alleen de bedienaren onder twee gedaanten; voor priesters is dat zelfs verplicht; de gewone gelovigen krijgen doorgaans alleen de Heilige Hostie. “Om pastorale redenen is deze manier van communiceren in de Latijnse ritus op rechtmatige wijze de meest gewone geworden”, zegt de Catechismus van de Katholieke Kerk in alinea 1390.

In de Oosterse Kerken wordt het geconsacreerd brood (gegist) gemengd met de geconsacreerde wijn. De celebrerende priester legt tijdens de communieritus met een speciaal lepeltje het Lichaam en Bloed des Heren in de mond van de communicant. 

In de Latijnse Kerk is het eucharistische brood ongegist, waardoor het onmogelijk is het met wijn te vermengen; vandaar worden de twee gedaanten afzonderlijk geconsumeerd. Eeuwenlang werd de Heilige Hostie in de westerse ritussen door de celebrerende priester op de tong gelegd. Na de liturgische hervormingen van het Tweede Vaticaans Concilie werd het de gelovigen echter toegestaan de Hostie ook op de hand te ontvangen. 

Paus Paulus VI publiceerde op 29 mei 1969 de instructie Memoriale Domini. Daarmee opende hij de mogelijkheid voor de handcommunie; een groot deel van het wereldepiscopaat had zich daar overigens tegen verzet. De officiële toestemming van de handcommunie delegeerde de paus aan de nationale Bisschoppenconferenties. Wel voegde Paulus VI toe dat de traditionele praktijk van de tongcommunie gehandhaafd moest blijven; deze werd dus in de Latijnse Kerk absoluut niet afgeschaft. 

De Congregatie voor de Goddelijke Eredienst en de Discipline der Sacramenten publiceerde in maart 2004, met goedkeuring van paus Johannes Paulus II, het document Redemptionis Sacramentum. Deze zogeheten instructie gaat over de juiste viering van de eucharistie. Alinea 92 betreft de wijze van communiceren:  

“Hoewel elke gelovige altijd het recht heeft om de Heilige Communie naar eigen keuze op de tong te ontvangen, moet de Heilige Hostie aan een communicant worden uitgereikt indien deze het sacrament in de hand wenst te ontvangen, in gebieden waar de Bisschoppenconferentie met de erkenning van de Apostolische Stoel hiervoor toestemming heeft gegeven. Er moet echter bijzonder op worden gelet dat de hostie door de communicant in aanwezigheid van de bedienaar wordt geconsumeerd, zodat niemand met de eucharistische gedaante in de hand weggaat. Indien er gevaar voor ontheiliging bestaat, mag de Heilige Communie niet in de hand aan de gelovigen worden gegeven.” 

In veel landen waar de handcommunie de normale praktijk werd, ontstond de zorg voor een verminderende eerbied voor het Allerheiligste Sacrament van de Eucharistie. Interessant is wat monseigneur Ron van den Hout, diocesaan bisschop van Groningen-Leeuwarden (2017-2024), in 2019 in een column daaromtrent schreef: “Ook de tongcommunie is een goede en eerbiedige mogelijkheid en mag best weer gepraktiseerd worden. Het is mijn persoonlijke overtuiging dat het geloof in de werkelijke aanwezigheid van Christus in het heilig Brood schade heeft opgelopen toen gelovigen plotseling de Communie met de handen mochten aanraken. Dat de handcommunie werd geïntroduceerd, begrijp ik wel: het kan gemakkelijker hygiënisch plaatsvinden.”