Verkondiging op 6 september 2026
Pastoor Constantijn Dieteren
St. Gerlachuskerk in Houthem-St. Gerlach

Lezingen:
Ezechiël 33, 7-9
Romeinen 13, 8-10
Matteüs 18, 15-20

Gerlach heeft carrière gemaakt. Hij is legeraanvoeder, heeft aanzien, heeft veel rijkdom, kortom hij heeft het helemaal gemaakt in het leven. Op toernooi in Gullik ontvangt hij het bericht dat zijn vrouw geheel plotseling is overleden. Als door een bliksemflits getroffen, ziet hij opeens in hoe vergankelijk alles is waarvoor hij tot nu toe geleefd heeft. Hij besluit naar Rome te gaan.

De paus neemt de bekering van Gerlach heel serieus en legt hem een pelgrimage naar Jeruzalem op, om daar voor een periode van zeven jaar, in dienstbaarheid te leven. Gerlach meldt zich in Jeruzalem bij een ziekenhuis met de vraag om hem het minst aantrekkelijke te laten verrichten. Het wordt het hoeden van de varkens.
Na 7 jaar, keert hij terug naar de paus.
Deze stelt deze hem voor in te treden in een klooster. Maar Gerlach wil een soberder en strenger leven leiden.
Met de goedkeuring van de paus besluit Gerlach in zijn geboorteplaats, hier in Houthem, als kluizenaar te gaan leven.
In een zeer oude eik wordt een holte gecreëerd. Een matje op stenen wordt zijn slaapplaats.

Echter heel veel rust krijgt Gerlachus niet.
Het leven van een heilige, want zo werd hij van meet af aan beschouwd, in hun midden, zorgt ervoor dat pelgrims naar hem toekomen om raad en genezing.
Hij werd zo populair, dat dit natuurlijk jaloezie opriep en het gerucht dat Gerlachus onder die eik wel eens heel wat vergaarde rijkdommen verstopt zou houden. De boom wordt omgehakt, maar men vindt niets.

De bisschop geeft Gerlachus toestemming om zijn kluizenaars leven voort te zetten.
Mensen uit de omgeving schenken Gerlachus eten, welke hij vervolgens uitdeelde. Zoals zo vaak bij Heiligen werd ook Gerlachus heel wat keren door het kwaad op de proef gesteld. Maar ook vele wonderen vonden er plaats, zoals het water uit de put, die zich overigens nog steeds op het landgoed bevindt, dat opeens, op Passiezondag 1164, in wijn veranderd was.

Enkele maanden later, op 5 januari, ligt Gerlachus op sterven, maar er is geen priester te vinden om hem de laatste sacramenten toe te dienen.
Aan het sterfbed verscheen St. Servatius, 7 eeuwen eerder gestorven, de heilige van Maastricht, wiens graf St. Gerlachus dagelijks bezocht had, om hem deze toe te dienen. De grote Middeleeuwse mystica Hildegard von Bingen, met wie Gerlachus veel schriffelijk contact heeft gehad, beschrijft in een visioen dat ze een rijkversierde stoel in de hemel zag staan, bestemd voor de H. Gerlachus.

Gerlachus, een heilige uit ons midden.
De man van de bekering en daarin ook voor onze tijd een heel actuele heilige. Wat hij zo radicaal beleefd heeft, kan voor ons een inspiratie zijn om net als de H. Gerlachus ons af te vragen: Waar leef ik eigenlijk voor? Wat is nu werkelijk van belang in het leven?

Het leven van St. Gerluchus is als een uitnodiging aan ons, om ons te bekeren, dat wil zeggen ons toe te keren, naar datgene wat van werkelijk belang is in het leven, datgene wat eeuwigheidswaarde heeft.
Moge St. Gerlachus daartoe onze voorspreker zijn.