Rome, 11 maart 2026 – De Italiaanse staat heeft een schilderij van Caravaggio gekocht voor 30 miljoen euro, zo is gisteren bekendgemaakt. Het betreft Portret van Maffeo Barberini, dat tussen 1599 en 1603 werd vervaardigd. Over de prijs werd meer dan een jaar onderhandeld tussen het cultuurministerie en de private eigenaar.
Het werk beeldt Maffeo Barberini als curiale geestelijke af voordat hij in 1604 tot priester en bisschop werd gewijd. In 1623 werd hij paus onder de naam en Urbanus VIII.
De aankoop van het schilderij is niet alleen een recorduitgave voor de kunstmarkt: het is ook de terugkeer van een fundamenteel stuk in het oeuvre van de in Milaan geboren Michelangelo Merisi (1571-1610), beter bekend als Caravaggio.
Het portret was al te zien sinds november 2024 in Palazzo Barberini in Rome.
In de jaren dat Caravaggio het portret maakte, was de in 1568 in Florence geboren Maffeo Barberini een verfijnde en nieuwsgierige intellectueel. In die historische periode was Rome een smeltkroes van ideeën en stromingen: Barberini bewonderde Galileo Galilei, steunde de Accademia dei Lincei en waardeerde de nieuwe poëtische stijl van Giambattista Marino. Er bestaat een verband tussen de wetenschap van Galileo en het naturalisme van Caravaggio: beiden kijken naar de wereld zonder de filter van de traditie.
Toen hij eenmaal in 1623 op de pauselijke troon was geklommen, werd Urbanus VIII de beschermheer van de meest triomfantelijke barok en vertrouwde hij Gian Lorenzo Bernini en Pietro da Cortona de taak toe om Rome om te vormen tot een theater van goddelijke glorie. Daarbij liet hij de kunstenaars hun kerkelijke werken ook altijd merken met het symbool van de familie-Barberini: drie bijen.
Het portret dat nu door het Italiaanse ministerie van Cultuur is aangekocht wordt beschouwd als een van de zeldzame portretten die met zekerheid aan Caravaggio kunnen worden toegeschreven. Het gebruik van loodwit in de iris door middel van een penseelstreek die het licht vangt en de blik van Maffeo een bijna hypnotiserende intensiteit geeft, is namelijk typisch voor Caravaggio. Bovendien gebruikt de schilder, in tegenstelling tot zijn tijdgenoten, voor de huidskleur geen cinnaber, maar aarde en loodwit, waardoor hij een effect van echte, levendige huid verkrijgt.
De geschiedenis van het schilderij wordt gekenmerkt door langdurige discussies over de toeschrijving ervan. Eeuwenlang bleef het verborgen in privécollecties (waaronder die van de familie-Corsini) en werd het vaak verward met werken van Scipione Pulzone. De ommekeer kwam in 1963, toen de beroemde kunsthistoricus Roberto Longhi het essay Il vero Maffeo Barberini del Caravaggiopubliceerde. Sindsdien zijn critici het erover eens dat het de hand van de Lombardische meester is, ondanks het feit dat het werk tot de recente tentoonstelling van 2024-2025 vrijwel onzichtbaar was voor het publiek.