De Santa Croce in Gerusalemme (‘Heilig Kruis in Jeruzalem’) is een basiliek in Rome, die geldt als een van de zeven hoofdkerken van Rome. De basiliek dankt haar naam aan het feit dat hier delen van het Heilig Kruis worden bewaard die in de vierde eeuw door keizerin Helena, de moeder van keizer Constantijn de Grote, naar Rome zouden zijn gebracht.

Ligging

De Santa Croce in Gerusalemme ligt ongeveer een kilometer ten oosten van de Sint Jan van Lateranen aan de Aureliaanse Muur.

Vroege geschiedenis

De bouw van de basiliek houdt nauw verband met de – waarschijnlijk legendarische – kruisvinding door keizerin Helena, de moeder van keizer Constantijn de Grote. Vaststaat dat de basiliek werd gebouwd, rond een ruimte in het keizerlijk paleis van Helena, de ruimte namelijk waar delen van het Heilig Kruis werden bewaard. Aan deze lijdensrelikwieën dankt de basiliek haar naam. De basiliek is een van de oudste van Rome en wordt gerekend tot de zeven hoofdkerken van de Eeuwige Stad. Volgens de overlevering zou de vloer van de eerste basiliek overdekt zijn geweest met zand dat door de keizerin uit van de Calvarieberg had meegenomen. Aan dit zand dankt de basiliek de Italiaanse toevoeging “in Gerusalemme”.

Heleniana

Aanvankelijk betrof het bouwwerk uitsluitend de kapel waarin de kruisrelieken werden bewaard. Deze kapel werd aanvankelijk, naar haar stichtster, Heleniana genoemd. De eerste grote uitbreiding kreeg de basiliek onder paus Lucius II in de twaalfde eeuw. De kerk kreeg nu een Romaans uiterlijk met een schip en twee zijbeuken. In de zestiende eeuw onderging de basiliek opnieuw een restauratie, maar pas onder paus Benedictus XIV (1740-1756), wiens titelkerk de Santa Croce was, kreeg de kerk haar huidige barokke aanzien. Ook werden er onder zijn pontificaat nieuwe verbindingswegen met de Sint-Jan van Lateranen en de Basiliek van Maria-de-Meerdere aangelegd.

Kapel van de Kruisrelieken

De belangrijkste kapel is de kapel waar enkele fragmenten van het Heilig Kruis worden bewaard, alsmede de Titulus Crucis, een klein stukje hout, bewaard in een zilveren reliekhouder, dat oorspronkelijk deel zou hebben uitgemaakt van het opschrift INRI op het kruis waaraan Jezus stierf. In deze kapel worden nog andere relieken bewaard. Zo is hier enkele doornen uit de doornenkroon van Christus alsmede spijkers waarmee Jezus aan het kruis genageld was, bewaard. Ook is hier een reliekschrijn met de wijsvinger van de ongelovige Sint Thomas.

Sint-Helenakapel

Een andere voorname kapel is de kapel gewijd aan Sint-Helena. Onder de vloer zou zich het zand van de Calvarieberg bevinden. Dat is ook nog te zien aan het opschrift boven de ingang van de kapel: HIC TELLUS SANCTA CALVA, RIE SOLIME AB BEATA HELENA, IN INFERIOREM FORNICEM, DEMISSA SERVATA EST ARQUE, INDE NOMEN HIERUSALEM, CAPELLE INDITUM ('Hier wordt de heilige aarde van de Berg Calvarie, door de zalige Helena onder de vloer verspreid, waarboven zij een kapel met de naam Jeruzalem oprichtte'). Aanvankelijk werden de kruisrelieken ook in deze kapel bewaard. Tot 1935 – toen paus Pius XI een einde maakte aan dit gebruik – mochten alleen mannen de kapel betreden. Vrouwen konden de relieken van het Kruis alleen aanschouwen op 22 maart, de dag van de wijding van de kapel. De fresco's in de koepel van deze kapel zijn van Melozzo da Forlì.

Overige kunstwerken

In de apsis van de kerk zijn fresco's te zien die aan Melozzo di Forlì worden toegechreven. Zij vertellen de legende van de Kruisvinding. Bezienswaardig is ook het praalgraf van de Spaanse kardinaal Francisco de los Angeles Quiñones (1475-1540). Oorspronkelijk bevond zich in de basiliek ook een drieluik van Rubens, voorstellende Helena en het Ware Kruis, De Bespotting van Christus en de Kruisverheffing. De twee eerste panelen bevinden zich tegenwoordig in Grasse (Frankrijk), terwijl het derde paneel verloren is gegaan.

Titelkerk

De Santa Croce in Gerusalemme is sinds 1120 een titelkerk. Vier pausen waren – voor ze als zodanig werden gekozen - kardinaal-priester van de Santa Croce: paus Lucius II, paus Innocentius VII, paus Marcellus II en paus Benedictus XIV. Ook de Nederlandse kardinaal Willem Marinus van Rossum had deze kerk als titel.