Sint-Paulus buiten de Muren

De basiliek van Sint-Paulus buiten de muren (in het Italiaans voluit: Papale Arcibasilica Patriarcale Maggiore Abbaziale di San Paolo fuori le Mura) is een van de vier grootbasilieken in Rome. De basiliek is na de Sint-Pietersbasiliek de grootste van Rome en werd opgericht boven het graf van de heilige apostel Paulus. Het achtervoegsel 'buiten de muren' dankt de basiliek aan het feit dat de kerk buiten de Aureliaanse muur (een stadsmuur die tussen 271 en 280 op last van keizer Aurelianus werd opgericht) is gelegen. De basiliek is 131 meter lang, vijfenzestig meter breed en ruim negenentwintig meter hoog.

De eerste basiliek
Volgens de overlevering werd Sint Paulus op last van keizer Nero onthoofd op de plaats waar zich tegenwoordig de Abdij der Drie Fonteinen bevindt, een flink stuk ten zuiden van de basiliek. Paulus werd begraven op een landgoed dat toebehoorde aan een adellijke dame, genaamd Pomponia Graecina, echtgenote van Aulus Plautius die de bevelhebber was bij de Romeinse verovering van Groot-Brittannië in 43. Zij zou zich tot het christendom hebben bekeerd, waarbij de de naam Lucina aannam. Zij bezat een bovengrondse begraafplaats waar het lichaam van de apostel werd geborgen. Aanvankelijk was er een kleine herdenkingskapel (die cella memoriae werd genoemd) bij het graf, maar keizer Constantijn de Grote liet op de plaats van het graf een kleine basiliek bouwen, die in 324 door paus Silvester I werd gewijd.

Uitbreiding
Op last van keizer Theodosius I werd in 386 begonnen met een enorme uitbreiding van de basiliek. De basiliek kreeg met deze uitbreiding, die in de tweede helft van de vijfde eeuw gereed kwam, met een middenschip en vier zijschepen haar definitieve grondplan. Na voltooiing van de werkzaamheden werd de basiliek tevens gewijd aan de heiligen Taurinus en Herculanus (twee martelaren uit Ostia), waarna de basiliek ook wel Basilica trium Dominorum ('Basiliek van drie Heren') werd genoemd. Ten tijde van paus Gregorius II (715-731) werd een benedictijner abdij aan de basiliek verbonden. Aan de Benedictijnen is sindsdien de bediening van de basiliek overgelaten. De huidige abdij werd gebouwd tussen 1220 en 1241. De abdij had van 937 tot 2005 de status van territoriale abdij. Dat wil zeggen dat de abt juridische bevoegdheden had, vergelijkbaar met die van een bisschop. De parochies van Civitella San Paolo, Leprignano en Nazzano vielen onder jurisdictie van de abdij.

Plunderingen
Omdat de Sint-Paulus buiten de stadswallen lag, was de basiliek een gemakkelijke prooi voor de Saracenen die in 843 Rome binnenvielen. Volgens de overlevering zouden zij bij de plundering van de Sint-Paulus meer dan vijfduizend kilo goud en zilver hebben buitgemaakt. Voor paus Johannes VIII (872-882) was de gebeurtenis aanleiding om de Sint-Paulus en het bijbehorende klooster te fortificeren. Met de omliggende landerijen en de daar woonachtige boeren en hun landarbeiders werd deze fortificatie – naar de paus – Giovannipoli genoemd. De nederzetting werd in 1348 door een aardbeving verwoest, terwijl de basiliek zelf werd gespaard.

Patriarchale basiliek
De Sint-Paulus buiten de Muren gold tot 1964 als een patriarchale basiliek, verbonden met het Latijns Patriarchaat van Alexandrië. Evenzo was de Sint-Jan van Lateranen de zetel van het patriarchaat Rome en was de Sint-Pieter verbonden met Constantinopel en de Maria-de-Meerdere met Antiochië. De basiliek Sint-Laurentius buiten de Muren (overigens geen basilica maior) was verbonden met het patriarchaat Jeruzalem.

Brand
In de nacht van 15 op 16 juli 1823 brandde de kerk nagenoeg helemaal af door onoplettendheid van een loodgieter die reparaties aan de dakgoten uitvoerde. Hij had verzuimd de brander die hij gebruikte uit te zetten. In minder dan vijf uur ging een groot gedeelte van de basiliek in vlammen op. Er werd besloten paus Pius VII (1800-1823), die op sterven lag, niet in te lichten over dit onheugelijke nieuws. De kerk werd geheel op het oude plan hersteld. Daarbij werden gevangenen als dwangarbeiders ingezet. Vanuit de hele wereld werden schenkingen gedaan, om de reconstructie mogelijk te maken, daartoe – met de encycliek Ad Plurimas – opgeroepen door paus Leo XII (1823-1829). Paus Pius IX herwijdde de basiliek in 1854 in aanwezigheid van vijftig kardinalen.

Hoogfeest van Petrus en Paulus
Tot ver in de negentiende eeuw was het gebruikelijk dat de paus op 29 juni, het Hoogfeest van Petrus en Paulus de Mis opdroeg in zowel de Sint-Pieter als de Sint-Paulus. Voor de bedijking van de Tiber gebeurde dat vaak per boot. De paus stapte dan bij de Engelenburcht aan boord en stapte ter hoogte van de Sint-Paulus weer uit. Het was een kleurrijk schouwspel, waarbij de pauselijke boot, werd vergezeld door kleinere vaartuigen waarop zich wachters van de Zwitserse Garde bevonden.

Exterieur
De basiliek staat aan het Piazzale San Paolo en kijkt uit op een klein – naar de zalige kardinaal Alfredo Ildefonso Schuster – genoemd park. Voor de basiliek staat een standbeeld van de heilige Paulus. Voor de hoofdingang is een neo-klassieke collonade uit het begin van de twintigste eeuw. De gevel van de kerk zelf is belegd met mozaïek. Op de timpaan staan Christus met de apostelen Petrus en Paulus afgebeeld.

Tondi
Het interieur is grotendeels ontworpen na de brand van 1823. Daarbij is het oorspronkelijke grondplan van de basiliek gehandhaafd. Opvallend zijn de ronde mozaïeken ('tondi') van alle pausen tot nu toe. Deze bevinden zich boven de kroonlijsten van het middenschip en de eerste linker en rechter zijbeuk. Er zijn nog 28 medaillons vrij. Volgens een Romeins volksgeloof zal de wereld vergaan als alle medaillons zijn ingevuld. De mozaïeken vervangen overigens de geschilderde pausportretten die bij de brand verloren zijn gegaan. Een deel van die portretten kon worden gered. Zij zijn te bekijken in het museum van de basiliek.

Heilige Deur
Evenals in de overige grootbasilieken bevindt zich in de Sint-Paulus een Heilige Deur. Deze deur wordt alleen geopend tijdens een Heilig Jaar. De deur bevindt zich ter rechter zijde van de hoofdingang.

Graf van Paulus
Onder het hoofdaltaar van de basiliek bevindt zich het graf van de apostel Paulus. Op ongeveer anderhalve meter onder het altaar is een sarcofaag met daarop de tekst ''PAULO APOSTOLO MART''. De daarin aangetroffen stoffelijke resten werden in 2009 onderzocht, waarbij – met behulp van C14-datering – kwam vast te staan dat ze dateren uit de eerste dan wel tweede eeuw na Christus. Paus Benedictus XVI verklaarde dat daarmee was komen vast te staan dat het hier het stoffelijk overschot van de apostel betrof. Overigens werd ook een schedel aangetroffen in de sarcofaag. Onopgehelderd is hoe dit zich verhoudt tot de traditie die wil dat de hoofden van Petrus en Paulus worden bewaard in de Sint-Jan van Lateranen.

Gedachtenis
De liturgische gedachtenis van de kerkwijding van de Sint-Paulus buiten de Muren wordt gevierd op 18 november.