Zondag

In de christelijke traditie is de zondag de eerste dag van de week. Op deze rustdag vieren christenen de verrijzenis van Jezus Christus.

Etymologie
In de Germaanse talen is de christelijke rustdag genoemd naar de zon. De Grieken en Romeinen kenden de zonnedag (Grieks: ημερα ηλιου [hèmera hèlioe]; Latijn: dies solis). In de Romaanse talen is het woord voor zondag echter afgeleid van het Latijnse dies dominicus of feria dominica(afgekort als dominica) en betekent 'dag van de Heer'. In het Russisch wordt de zondag Воскресенье genoemd, dat 'opstanding' betekent. In andere Slavische talen verwijst het woord naar de verplichting zich van werk te onthouden, vandaar niedziela (Pools) of nedele (Tsjechisch), dat letterlijk 'geen werk' betekent.

Verrijzenis
De zondag is de dag waarop de Verrijzenis van Jezus wordt gevierd. Het is het oerfeest van het christendom. Het christelijke Pasen als feest van de Verrijzenis is pas later ontstaan, uit de viering van het Joodse Pasen (Pesach).

Zon
De oudste christelijke bron voor het woord zondag is een apologetisch geschrift van de heilige Justinus de Martelaar (2e eeuw). “Wij komen samen op de dag van de zon, omdat het de eerste dag is – na de joodse sabbat - maar ook de eerste dag waarop God de materie uit de chaos te voorschijn gehaald heeft en de wereld heeft geschapen, en omdat op diezelfde dag Christus uit de doden is opgestaan” (Apol. 1,67). De eerste dag begon volgens de Joodse kalender de dag die begon na de zonsondergang op de sabbat; in de Grieks-Romeinse wereld werd vanaf de dageraad gerekend.

Zevendaagse week
De dag van de zon waaraan Justinus refereert, is de eerste dag volgens de Griekse en Romeinse weekindeling, afgeleid van de Egyptische en Babylonische astrologie. Deze berustte op de zeven hemellichamen die naar goden waren genoemd.
Dag 1: Zon
Dag 2: Maan
Dag 3: Ares (Mars)
Dag 4: Hermes (Mercurius)
Dag 5: Zeus (Jupiter)
Dag 6: Afrodite (Venus)
Dag 7: Chronos (Saturnus)
Deze weekindeling werd overgenomen door de Germaanse volkeren, zij het dat de meeste dagen werden gewijd aan goden die werden beschouwd als equivalenten van de Romeinse goden naar wie de planeten genoemd waren. Voorbeeld: Wodan was de equivalent van Mercurius, dus Mercuriusdag werd woensdag, vandaar bijvoorbeeld mercredi in het Frans.

Sabbat
Uit de tekst van Justinus is op te maken dat in zijn tijd de Sabbat, de zesde dag van de zevendaagse Joodse week, samenviel met de Saturnusdag (zaterdag). Christus was verrezen op de eerste dag van de sabbat, dus de dag waarop christenen bij elkaar kwamen op de Verrijzenis te vieren was dus de zonnedag. Sint Justinus zegt ook dat christenen op deze dag stilstaan bij het begin van de schepping, toen God orde aanbracht in de chaos. Daaruit groeide het besef dat de zondag dient als een dag van recreatie, van bezinning waarbij de vermoeide geest gelegenheid krijgt zich te herpakken.

Dag van samenkomst
De christenen kwamen op de eerste dag van de week bijeen. Deze gewoonte dateert van de begintijd van het christendom. In de Hebreeënbrief worden de gelovigen aangespoord niet weg te blijven van de zondagse samenkomsten (Hebr. 10,25). Wat deden ze als ze bij elkaar kwamen? Zij baden samen en braken met elkaar het brood in naam van de Verrezen Heer (zie Hand. 20,7). Daaruit groeide de zondagmis zoals we die nu kennen.

Officiële rustdag
Op den duur zijn christenen de zondag gaan beschouwen als hun sabbat. Dat wil zeggen dat de zondag niet alleen de dag was van samenkomst, maar ook van rust. Na de omwenteling onder keizer Constantijn de Grote werd de zondag een maatschappelijk instituut. In 321 bepaalde hij bij wet dat de zondag voortaan in heel het Romeinse Rijk de 'dag des Heren' was waarop rust in acht moest worden genomen. De Griekse en Romeinse weekindeling bleef gehandhaafd, maar de namen veranderden. Zo kreeg de maandag de naam 'tweede dag'; de Saturnusdag heette voortaan 'sabbat' (zo is 'zaterdag' in het Italiaans sabato).

Zondagsplicht
De zondag beleven als de Joodse sabbat betekent dat christenen geen slaafse arbeid mogen verrichten, waardoor ze kunnen uitrusten en zich vrij kunnen maken voor hun familie en het culturele leven. Ook dienen ze zich te onthouden van bezigheden die een beletsel vormen voor de verplichte deelname aan de zondagsliturgie. Katholieken zijn verplicht om aan de eucharistieviering op de Dag des Heren deel te nemen (zie het lemma Zondagsplicht).

Zaterdagavond
De 'eerste dag' begon volgens de Joodse kalender na de zonsondergang op de sabbat; in de Grieks-Romeinse wereld werd echter vanaf de dageraad gerekend. De Katholieke Kerk heeft de Joodse gewoonte overgenomen, vandaar dat in de liturgische tijdrekening de zondag al op zaterdagavond begint, bij het bidden van de Vespers. Na het Tweede Vaticaans Concilie werd de zondagsmis op de zaterdagavond ingevoerd, zodat de zondagsplicht ook dan vervuld kan worden.

Eerste, derde, achtste dag
De zondag is de eerste dag van de week. Maar het is ook de Derde Dag. Christus zei immers dat Hij op de derde dag uit de dood zou verrijzen. Dat betekent dat de dag waarop Hij stierf de eerste dag is, de dag waarop hij in zijn graf rustte de tweede en de dag van zijn opstanding de derde. Ook wordt de zondag de Achtste Dag genoemd. Acht is het getal van de vervulling van de tijd. Zeven symboliseert de tijd en Zeven plus Eén staat voor de vervulde tijd oftewel de eeuwigheid of de tijdloosheid. Op zondag proeft de gelovige al iets van de Eeuwige Rust bij God, van de voleinding der tijden.

Maandag
In het maatschappelijke leven is de zondag niet langer de eerste dag, maar de laatste dag (weekend). Dit is wereldwijd vastgelegd in de internationale standaard ISO 8601.