Rome, 16 november 2025 – Paus Leo XIV heeft vandaag in zijn wekelijkse angelustoespraak uiting gegeven aan zijn verdriet over de huidige christenvervolging in een aantal landen, het terrorisme en de aanhoudende oorlog van Rusland tegen Oekraïne.
Ook vandaag de dagen worden christenen “in verschillende delen van de wereld gediscrimineerd en vervolgd”, zei de Heilige Vader vanuit het pauselijk appartement van het Vaticaans Apostolisch Paleis tot de menigte op het Sint-Pietersplein. “Ik denk daarbij met name aan Bangladesh, Nigeria, Mozambique, Soedan en andere landen, waar vaak berichten komen over aanvallen op gemeenschappen en gebedshuizen.”
“God is een barmhartige Vader en wil vrede tussen al zijn kinderen!”, zei Leo. “Ik bid voor de families in Kivu, in de Democratische Republiek Congo, waar de afgelopen dagen een bloedbad onder burgers heeft plaatsgevonden, met minstens twintig slachtoffers van een terroristische aanslag. Laten we bidden dat alle geweld ophoudt en dat gelovigen samenwerken voor het algemeen welzijn.”
“Met pijn in het hart volg ik het nieuws over de aanslagen die talrijke Oekraïense steden, waaronder Kiev, blijven treffen. Ze eisen slachtoffers en gewonden, onder wie ook kinderen, en veroorzaken enorme schade aan de civiele infrastructuur, waardoor gezinnen dakloos worden terwijl de kou toeneemt. Ik verzeker mijn nabijheid aan de zo zwaar beproefde bevolking. We mogen niet wennen aan oorlog en vernietiging! Laten we samen bidden voor een rechtvaardige en duurzame vrede in het gekwelde Oekraïne”, vervolgde de Bisschop van Rome.
“Ik wil ook mijn gebed uitspreken voor de slachtoffers van het ernstige verkeersongeval dat afgelopen woensdag in het zuiden van Peru heeft plaatsgevonden. Moge de Heer de overledenen ontvangen, de gewonden ondersteunen en de rouwende families troosten.”
Wereldarmendag
De Romeinse Pontifex wees de aanwezigen op het plein verder op een zaligverklaring die gisteren in Bari (Zuid-Italië) heeft plaatsgehad. Het betrof de diocesane priester Carmelo De Palma (1876-1961), die bekendstond als een drukbezochte biechtvader en veelvuldig geraadpleegd geestelijk leidsman. “Moge zijn getuigenis priesters aansporen om zich zonder voorbehoud in te zetten voor de dienst aan het heilige volk van God”, zei paus Leo.
De Heilige Vader wijdde ook nog enkele woorden aan de themadag van deze op één na laatste zondag van het kerkelijk jaar: Wereldarmendag. “Ik dank allen die in de bisdommen en parochies initiatieven hebben genomen om solidariteit te betonen met de meest behoeftigen. En op deze dag herinner ik opnieuw aan de apostolische exhortatie Dilexi te (‘Ik heb je liefgehad’), over de liefde voor de armen, een document dat paus Franciscus in de laatste maanden van zijn leven aan het voorbereiden was en dat ik met grote vreugde heb voltooid.”
Leo ging verder: “Op deze dag gedenken we ook allen die zijn omgekomen bij verkeersongevallen, die maar al te vaak worden veroorzaakt door onverantwoordelijk gedrag. Laat ieder hierover zijn geweten onderzoeken.”
Seksueel misbruik
“Ik sluit me aan bij de Kerk in Italië, die vandaag opnieuw de ‘Dag van gebed voor slachtoffers en overlevenden van misbruik’ organiseert, opdat de cultuur van respect groeit als garantie voor de bescherming van de waardigheid van elke persoon, in het bijzonder van minderjarigen en de meest kwetsbaren.”
“En nu groet ik jullie allemaal hartelijk, Romeinen en pelgrims uit Italië en vele delen van de wereld, in het bijzonder de gelovigen uit Bar in Montenegro, Valencia in Spanje, Syros in Griekenland, Puerto Rico, Sofia in Bulgarije, Bismarck in de Verenigde Staten van Amerika, de studenten van de Catholic Theological Union in Chicago en het koor Eintracht Nentershausen uit Duitsland.”
“Ik groet de Poolse pelgrims en herinner aan de verjaardag van de boodschap van verzoening die de Poolse bisschoppen na de Tweede Wereldoorlog aan de Duitse bisschoppen hebben gericht. Tot slot groet ik de Vincentiaanse Familie en de groepen uit Lurago d'Erba, Coiano, Cusago, Paderno Dugnano en Borno. Bedankt allemaal en een fijne zondag!”, aldus paus Leo XIV.