Veel mensen willen tegenwoordig geen E-nummers meer in hun eten. Ze zouden slecht zijn voor de gezondheid en in het uiterste geval zelfs kankerverwekkend. Dat terwijl ze juist bedacht zijn om ons voedsel veiliger te maken. Hoe zit dat?
Wat is een Enummer?
Enummers
zijn codes voor goedgekeurde stoffen die aan voedingsmiddelen toegevoegd mogen
worden. Dit gebeurt om bijvoorbeeld de smaak, kleur, geur of de houdbaarheid
van een product te beïnvloeden. Enummers zijn in de jaren zestig ingevoerd
door de toenmalige Europese Economische Gemeenschap om toevoegingen in
voeding te reguleren. Dit begon in 1962 met een lijst van kleurstoffen.
Fabrikanten mochten vanaf dat moment alleen nog maar goedgekeurde kleurstoffen
toevoegen en werden verplicht ze op het etiket te zetten. Om ruimte te besparen
kreeg elke stof de letter E (van Europa) met een getal erachter. Later werden
ook hulpstoffen als verdikkingsmiddelen, aroma’s en zoetstoffen aan de lijst
toegevoegd.
Waar komen Enummers vandaan?
Sommige
Enummers worden uit natuurlijke materialen gewonnen. Ze komen bijvoorbeeld uit
groente, fruit, bomen en planten. De zoetstof steviolglycosiden (E 960) wordt
bijvoorbeeld met een complex en chemisch proces uit de bladeren van de
steviaplant gehaald. Sommige additieven, zoals azokleurstoffen, komen helemaal
niet voor in de natuur. Die worden kunstmatig gemaakt in een fabriek door
stoffen chemisch te bewerken.
Zijn ze slecht voor je?
Enummers
zijn stoffen die veilig zijn bevonden door de European Food Safety Authority
(EFSA). Het EFSA maakt daarvoor gebruik van strenge controles en procedures. De
kans is groot dat de Enummers beter gecheckt zijn dan ons eten zelf. Van een
toevoeging is dan ook precies bekend wat het doet, terwijl dat voor sommige
natuurlijke stoffen niet zo hoeft te zijn. Daarnaast is ook vastgelegd welke
toevoegingen in welke producten gebruikt mogen worden en hoeveel er in mag
zitten. Bovendien maakt je lichaam volgens voedselexperts geen onderscheid
tussen een Enummer dat van nature al ergens in zit of dat is toegevoegd. De
moleculen zijn precies hetzelfde en de verwerking door je lichaam dus ook.
Zijn de toevoegingen geschikt
voor iedereen?
Sommige
Enummers hebben een dierlijke oorsprong. De rode kleurstof E120 (cochenille extract,
karmijnzuur, karmijn) komt van schildluizen en de emulgator en stabilisator
E483 (stearyltartraat) wordt gemaakt met varkensvet. Deze stoffen zijn dus niet
geschikt voor veganisten, vegetariërs en in het laatste geval voor mensen die
halal of koosjer willen eten. Mensen die overgevoelig zijn voor sulfiet moeten
uitkijken voor nummers E220 tot en met E228. Deze stoffen zijn sulfieten en
kunnen bij mensen met astma ademhalingsproblemen veroorzaken. En mensen met de
aandoening ‘fenylketonurie’ (PKU) moeten ook opletten. Zij missen een enzym
waardoor ze aminozuur
fenylalanine niet goed kunnen afbreken. Dit aminozuur wordt gevormd uit
aspartaam. Een ophoping van fenylalanine kan schadelijk zijn voor de hersenen. Enummers
zijn dus niet voor iedereen geschikt, maar voor het overgrote deel van de
bevolking wel veilig.
Meer weten over eten? Schrijf je in voor de Eerlijker eten nieuwsbrief. Wij helpen jou met het maken van bewuste keuzes. Van de herkomst van voedsel en jouw keuzes in de supermarkt tot aan de maaltijd die je uiteindelijk op tafel zet.