Parma, 27 februari 2026De Italiaanse politie heeft gisteren een 50-jarige Burundese man gearresteerd in verband met de moord op drie Italiaanse missiezusters in Bujumbura, de commerciële hoofdstad van Burundi, meer dan tien jaar geleden.

Openbare aanklagers verklaarden in Parma dat Guillaume Harushimana ervan wordt verdacht wordt de moorden op zr. Olga Rachietti (83), zr. Lucia Pulici (75) en zr. Bernadetta Boggian (79) te hebben aangesticht, mede georganiseerd en logistiek ondersteund tijdens twee afzonderlijke aanslagen op 7 en 8 september 2014.

De vermoorde religieuzen waren lid van de Missionaire Sociëteit van Maria, beter bekend als de Xaveriaanse Missionarissen.

De moorden werden opgedragen door generaal Adolphe Nshimirimana, destijds hoofd van de geheime politie van Burundi, die in 2015 werd vermoord. Ze werden uitgevoerd door Harushimana, een van zijn assistenten, aldus de openbare aanklagers in een verklaring.

Volgens de onderzoekers zijn de zusters mogelijk vermoord omdat ze weigerden medische hulp te verlenen aan Burundese milities die in Congo waren ingezet, vanwege geschillen over de financiering van een jeugdcentrum in Kamenge, of als onderdeel van een offerritueel.

Volgens de openbare aanklagers worden vier personen verdacht van de moorden: twee hebben bekentenissen afgelegd via de radio, een derde, die wordt omschreven als de lijfwacht van de generaal, is in Parma ondervraagd en heeft de feiten gedeeltelijk toegegeven, en een vierde persoon die niet is geïdentificeerd.

Italiaanse aanklagers zeiden dat ze het onderzoek naar de moorden in 2024 hadden heropend, dankzij aanwijzingen uit een boek van onderzoeksjournaliste Giusy Baioni, die hen leidden naar getuigenissen van andere katholieke religieuzen die niet door de Burundese autoriteiten waren gehoord.

De naam van Harushimana was al in verband gebracht met de moorden, aldus de Italiaanse openbare aanklagers, die eraan toevoegden dat hij in 2018 een reisvisum voor Italië had gekregen om een opleiding te volgen in de noordelijke stad Parma. Ze zeggen dat hij destijds in Parma voor verhoor was meegenomen, maar elke betrokkenheid ontkende en beweerde dat hij ten tijde van de moorden buiten Burundi was, en paspoortstempels als bewijs van zijn afwezigheid in het land overlegde.