Rome, 21 februari 2026 – Paus Leo XIV heeft vandaag opdracht gegeven het decreet uit te vaardigen waarmee een wonder wordt erkend dat is toegeschreven aan de voorspraak van de eerbiedwaardige Béchara Abou-Mourad. Deze monnik en priester van de Basiliaanse Orde van de Heilige Verlosser van de Melkieten werd geboren in 1853 in Zahlé (Libanon) en overleed in 1930 in Sidon (Libanon). Het mirakel betreft een medisch onverklaarbare genezing van een vrouw in een rolstoel.
Met de erkenning van dit wonder staat niets meer de zaligverklaring van de Libanese religieus nog in de weg.
Béchara Abou-Mourad, die bij zijn geboorte de naam Selim kreeg, voelde zich al op jonge leeftijd geroepen tot het priesterschap en het religieuze leven. Eenmaal oud genoeg trad hij toe tot het Klooster van de Allerheiligste Verlosser in Sidon.
Hij werd in 1883 tot priester gewijd. Kort daarop werd hij benoemd tot disciplinair meester in het kleinseminarie van zijn orde. Daarna werd hij naar Deir el-Qumar in het zuiden van Libanon gestuurd om er pastoraal werk te verrichten. Daar vierde hij, bij gebrek aan een kerk, de mis in de huizen van de gelovigen. Met de steun van de plaatselijke bisschop en de hulp van de bevolking en weldoeners slaagde hij erin een kerk te bouwen. Hij stichtte ook een particuliere liefdadigheidsvereniging en onderscheidde zich door zijn grote naastenliefde, zijn apostolische ijver en zijn intense spiritualiteit.
In 1922 werd pater Béchara vanwege zijn hoge leeftijd en slechte gezondheid overgebracht naar de Melkitische kathedraal van Sidon, waar hij zijn pastorale dienst voortzette als biechtvader en spirituele steun bood aan de gelovigen. Hij bracht de laatste jaren van zijn leven door in het Klooster van de Allerheiligste Verlosser, waar hij op 22 februari 1930 overleed.
Aan zijn voorspraak is het wonder toegeschreven van de genezing van Thérèse Skaff Asmar, een Libanese vrouw die door haar loopmoeilijkheden aan een rolstoel gekluisterd was. Het begon allemaal in 1983, toen bij de vrouw artrose met spondylolisthesis en gevorderde hernia's van de vierde graad in het rechterkniegewricht werd vastgesteld. In 2009 vond ze toevallig een korte biografie van pater Béchara Abou-Mourad en omdat ze zich herinnerde dat ze tijdens zijn leven had gehoord over genezingen door zijn voorspraak, riep de vrouw tijdens een nacht van pijn de priester aan. In het vertrouwen op zijn bemiddeling begon ze de volgende dag zonder hulp en zonder pijn te lopen. Uiteindelijk kon de vrouw een volkomen gezond leven leiden.
Het wonderbaarlijke karakter van haar genezing werd vastgesteld op 27 maart 2015. De genezing was “direct, volledig en blijvend”, verzekert de salvatorianen-archimandriet Mtanios Haddad, postulator in het zaligverklaringsproces.
Béchara Abou-Mourad was lid van een religieuze orde binnen de Melkitische Grieks-Katholieke Kerk. Dat is een van de oosterse kerkgenootschappen die volledig in gemeenschap met de Heilige Stoel van Rome verkeren. Haar hoogste hiërarch is patriarch Youssef Absi van Antiochië, wiens bisschopszetel de kathedraal van Onze-Lieve-Vrouw van de Ontslapenis in Damascus (Syrië) is.