Verkondiging op 30 augustus 2026
Kathedrale Basiliek St. Bavo, Haarlem door mgr. Jan Hendriks
Lezingen:
Jeremia 20, 7-9
Romeinen 12, 1-2
Matteüs 16, 21-27
Ik denk dat we er bijna allemaal weleens aan denken en dat het voor bijna iedereen een schrikbeeld is: dat je ziek kunt worden, moet lijden, dat je iets vreselijks zult moeten meemaken. Misschien ook dat we bijna allemaal weleens denken: hoe zal het in de toekomst met me gaan, blijf ik gezond, zal ik mijn leven dan nog een beetje prettig kunnen leiden? En als je wat ouder bent en de toekomst je angst inboezemt kan de gedachte komen dat de dokter je dan maar een spuitje moet geven, we denken aan euthanasie.
Het is te begrijpen dat we van het lijden af willen, toch voelen we ook wel aan dat dit niet de weg van Jezus is. Hij is juist bewust de weg van het lijden gegaan.
En we kennen misschien ook nog wel dat oude gezegde: “Een mens lijdt nog het meest door het lijden dat hij vreest maar dat nooit op komt dagen. Zo heeft hij meer te dragen dan God te dragen geeft. Maar komt het eens in huis, dan helpt God altijd weer en geeft Hij kracht naar kruis.”
We gaan lijden en pijn meestal maar het liefst uit de weg. Dat is niet iets nieuws, niet alleen iets van de laatste jaren, al is het voor een mens die aan welvaart en voorspoed gewend is extra moeilijk om lijden en tegenslag te verdragen.
In onze welvaartsmaatschappij zijn we soms als de prinses op de erwt, die zó aan luxe gewend was dat ze die erwt nog voelde door een dikke stapel matrassen heen.
Maar goed, het is niet alleen iets van onze welvaartstijd; het was vroeger ook, dat mensen moeite hadden met lijden, daar slecht mee om konden gaan.
Wat heeft Lidwina van Schiedam bijvoorbeeld niet geworsteld, voordat zij haar ziekte en lijden uit Gods hand kon aanvaarden. Maar toen zij eenmaal had geleerd het lijden van Jezus te overwegen, kwam er vrede, toen gaf dat haar een grote innerlijke rijkdom en kracht en zou ze zelfs niet vragen om beter te worden als dat had gekund door één Weesgegroetje!
Maar als je moet lijden, is dat een worsteling, een geestelijke worsteling.
We hoorden dat vandaag in het evangelie. Jezus zelf begint over Zijn toekomst, nee, die ziet er niet zo mooi uit: lijden, marteling, ter dood gebracht worden. Je zou zeggen: dat kan toch niet Gods bedoeling zijn, dat Jezus door zoveel pijn en verdriet moet gaan?
Maar ja, het was wél Gods bedoeling! Gods geliefde Zoon, Jezus Christus, zou wél veel lijden moeten ondergaan; dat was de weg: zich opofferen uit liefde om mensen te verlossen uit de greep van het kwaad, om de mensheid een betere toekomst na dit aardse leven te geven.
En behalve die martelingen aan het eind van Zijn leven, kwam daar ook nog de verwerping bij, het niet geaccepteerd worden, dat ze Hem steeds klem wilden zetten met allerlei redeneringen en verdachtmakingen.
Jezus had het niet gemakkelijk. Dat was eigenlijk al met Zijn geboorte begonnen: Hij kon nergens terecht, werd uiteindelijk geboren en neergelegd in een voederbak voor de dieren.
Jezus moest dus lijden. Maar Petrus kon daar absoluut niet mee omgaan. Die reactie van Petrus werd voor Jezus een aanleiding om te zeggen dat ieder mens zijn of haar kruis moet opnemen, zichzelf verloochenen. Hebben we niet allemaal meegemaakt hoe belangrijk dat is?
Als ik aan mijn eigen vader en moeder terugdenk, denk ik terug aan de offers die zij voor hun kinderen hebben gebracht. In die offers - in wat ze voor ons over hadden - zag ik hun liefde. De offers maken alles mooier en het lijden dat je probeert te dragen met liefde en vertrouwen, is als het ware een geheimvolle, positieve kracht in de wereld en een kracht en een soort fundament voor je eigen leven.
Dus: ja, het lijden is moeilijk, verdrietig; maar van de offers die je brengt en het lijden waar je goed mee probeert om te gaan, gaat een kracht uit, een geestelijke kracht voor jezelf en voor je naasten.