In de serieTaboes geeft presentator Robbert Rodenburg het woord aan mensen die open zijn over wat normaal verzwegen blijft. Mensen zoals Johnny. Hij lijdt aan de stoornis bigorexia. 'Op mijn achttiende ging ik voor het eerst met mijn vader en broer mee naar de sportschool. Ik was er niet goed in, vond het niet leuk en had er weinig aanleg voor.'
Tekst: Joan Makenbach
Obsessie
Het begon drie jaar terug als een onschuldige fotoshoot, puur voor zichzelf, waarin hij zijn mooi gespierde lichaam kon tonen. Maar het groeide uit tot een jarenlange psychische obsessie met zijn lijf. Johnny is stagebegeleider op het MBO, woont samen, is vader van een dochter van vijf en fanatiek krachtsporter.
Hij kampte met de body dysmorphic disorder bigorexia: een stoornis waarbij extreme fixatie op lichaamsvorm, voeding en overmatig trainen centraal staan. In de serie Taboes vertelt hij er al over, voor ons magazine Vertel gaat hij dieper in op zijn verhaal.
'In werkelijkheid wilde ik al mijn vrije tijd vrijhouden om te fitnessen'
Leven in het teken van sporten
‘Gek genoeg ben ik nooit heel sportief geweest,’ begint Johnny. ‘Op mijn achttiende ging ik voor het eerst met mijn vader en broer mee naar de sportschool. Ik was er niet goed in, vond het niet leuk en had er weinig aanleg voor. Maar ik wilde dat mijn vader trots op me was. Dat zei hij nooit.’
Zijn vader heeft een hoge functie in het leger en is getraind in het niet uiten van gevoelens. ‘Handig in oorlogsgebied, niet per se in de opvoeding.’ Na twee jaar trainen werd Johnny’s broer ernstig ziek. Hij kreeg kanker. Tijdens een ziekenhuisbezoek klaagde Johnny tegen hem dat hij geen zin had om te gaan trainen. ‘Toen zei mijn broer: “Er zijn ook mensen die willen trainen, maar het niet kunnen.” Dat was een eyeopener. Maar ik heb het vervolgens ook als excuus gebruikt om extreem fanatiek te worden.’
Vanaf dat moment stond zijn leven in het teken van sporten. Twaalf jaar lang trainde hij vijf keer per week, ook tijdens vakanties en als hij ziek was. ‘Ik heb feestdagen en verjaardagen gemist. Ik ben heel sociaal, maar riep altijd dat ik niet van sociale activiteiten hield. In werkelijkheid wilde ik al mijn vrije tijd vrijhouden om te fitnessen.’ Hij had nooit de ambitie om wedstrijden te doen. ‘Ik ging alleen de strijd aan met mezelf. En dat werd juist het probleem.’
Nooit tevreden
Dat het verhaal van Johnny in Taboes te zien is in de aflevering over eetstoornissen, begrijpt hij goed. Want ook zijn voedingspatroon was volledig obsessief. ‘Ik at elke dag exact 2.200 calorieën. Elke ochtend havermout, vier keer per dag afgewogen porties rijst met kip of gehakt. Daarnaast deed ik twee uur cardio, zette 20.000 stappen en trainde tot ik niet meer kon.’
Maar het ging verder dan een obsessie voor voeding, het werd bigorexia. ‘De rode draad was: ik moest altijd presteren en was nooit tevreden. Ik had een hekel aan mezelf en sloopte mijn lichaam. Ook als ik moe of geblesseerd was, ging ik door.’
Overwinningen bestonden niet. ‘Als ik 200 kilo liftte, was ik boos: waarom geen 205? Deed ik een oefening met 150 kilo, dan zei een stem in mijn hoofd: het is geen 160. Ik mocht nooit trots zijn.’ Hij ziet nu hoe ongezond dat was. ‘Misschien komt het door mijn opvoeding. Mijn vader leerde me door te gaan en nooit op te geven. Maar ik ben nooit blij geweest. Er is niets mis met vijf keer per week sporten voor een doel, zolang het niet je hele leven overneemt.
'De rode draad was: ik moest altijd presteren en was nooit tevreden. Ik had een hekel aan mezelf en sloopte mijn lichaam'
Verraderlijk
Met presentator Robbert Rodenburg sprak hij ook over een hardnekkig misverstand: dat bigorexia draait om hoe anderen je zien. ‘Ik voelde me begrepen door Robbert. Hij heeft zelf ook te kampen gehad met een eetstoornis, hij weet dus waarover hij praat. Mensen denken dat je het voor de buitenwereld doet, maar dat is niet zo. Ik hoorde dagelijks dat mensen me sterk vinden of gespierd, maar ik zag alleen maar tekortkomingen. Je bent zelf je hardste criticus.’
Hij vergelijkt het met anorexia. ‘Net zoals mensen die zichzelf als dik blijven zien terwijl ze mager zijn. Iedereen kan zeggen dat je groot en gespierd bent, maar ik zag elk minpuntje.’ Fitness is daarin verraderlijk. ‘Het is meetbaar. Je kunt alles bijhouden. Maar als je nooit tevreden bent, blijf je je grenzen verleggen.’
'Iedereen kan zeggen dat je groot en gespierd bent, maar ik zag elk minpuntje'
Heel gevoelig
Door therapiesessies leerde Johnny inzien waarom hij zo doorging. ‘Ik loste mijn problemen op met sporten en nog meer sporten. Dat was mijn manier om om te gaan met demonen van vroeger, met problemen thuis en met mijn scheiding.’ Zo werd hard trainen een verdoving. ‘Zoals elke verslaving eigenlijk. Terwijl ik juist heel gevoelig ben. Als ik met mijn dochter naar een Disneyfilm ga, huil ik het hardst.’
Geen stress
De oproep voor Taboes kwam precies in de periode dat Johnny besefte dat hij echt een probleem had. ‘Ik wist inmiddels al wel dat het veelvuldig slopen van mijn lichaam niet gezond was. Maar door de gesprekken met Robbert besefte ik dat het vooral iets mentaals is.’
Hij zit momenteel met een burnout thuis en ziet langzaamaan iets van vooruitgang. ‘Ik sport nu drie vier keer per week. En ik ben onlangs voor het eerst met een vriend gaan lunchen. Dat had ik nog nooit gedaan.’
Ook verhuisde hij met zijn vriendin naar een nieuwe woning. ‘In die periode heb ik misschien een paar keer getraind. Dat was uniek, vooral omdat het me lukte zonder stress.’ Een jaar geleden was hij er nog van overtuigd dat hij dan meteen al zijn spieren zou verliezen. ‘Wetenschappelijk wist ik dat dat niet kon, maar in mijn hoofd gold dat niet voor mij.'
Spiegel
De aflevering van Taboes waarin Johnny is te zien leverde veel reacties van kijkers op.
‘Ook uit de machowereld: dat ik me niet moest aanstellen, dat een echte man moet lijden. Jammer dat dat beeld blijft bestaan, zeker binnen de fitnesscultuur waar machofiguren worden verheerlijkt.’
Toch waren de meeste reacties positief. ‘Ik ben blij dat het bij KRO-NCRV te zien is. Zij hebben oog voor het eerlijke verhaal en zijn niet uit op sensatie.’ Voor Johnny werkte deelname aan Taboes als een spiegel. ‘Ik zie hoeveel progressie ik heb gemaakt sinds de opnames begonnen. Al heb ik de foto’s van de fotoshoot van destijds nog niet uitgeprint. Dáár durf ik nog niet naar te kijken.’