Ivy en Tamara ontmoeten elkaar in een woonzorgcentrum voor mensen met niet-aangeboren hersenletsel, waar ze allebei wonen. Al snel zijn de twee onafscheidelijk en er ontstaat een bijzondere vriendschap. 'Als we hier niet hadden gewoond hadden we elkaar nooit ontmoet. Maar het heeft zo moeten zijn', vertellen ze in Zin in morgen.

De vriendinnen zullen hun eerste ontmoeting niet snel vergeten. ‘Vanaf het eerste moment dat ik Ivy hoorde praten, kon ik haar verstaan’, herinnert Tamara zich. 

En dat is best bijzonder, want veel anderen hebben daar moeite mee. Vanwege haar niet-aangeboren hersenletsel praat Ivy anders dan de meeste mensen gewend zijn. Dat Tamara haar wel moeiteloos verstaat, is voor Ivy een verademing. ‘Ze hoort en begrijpt me meteen, ik hoef het niet te herhalen.’ 

Lichtpuntjes in het donker

Na die eerste ontmoeting bloeit er al snel een hechte vriendschap op tussen de twee. ‘Ze noemen ons ook wel de tweeling’, lacht Tamara. ‘Ivy kan haar linkerhand gebruiken en ik mijn rechter. Dus samen we zijn we één persoon.’

Het noodlot bracht de twee vriendinnen samen. Zeven jaar geleden stond Ivy volop in het leven; ze werkte als stewardess, studeerde fiscaal recht en woonde samen in Amsterdam. Tot een scooterongeluk daar in één klap een einde aan maakte. ‘Ik had mijn nek gebroken en lag twee maanden in coma’, vertelt ze.

Ondanks dat haar leven ingrijpend is veranderd, weet Ivy altijd lichtpuntjes te vinden. ‘Ik ben blij dat ik nog leef.’ 

Genieten van het leven

Tamara kwam in het woonzorgcentrum terecht nadat er tijdens haar tweede zwangerschap een hersentumor bij haar werd ontdekt. Ze gaat in behandeling, maar al snel blijkt ze ongeneeslijk ziek te zijn. 

In 2016 krijgt Tamara een zware epileptische aanval waardoor ze niet meer kan lopen en in een rolstoel terecht komt. Toch weigert Tamara om bij de pakken neer te gaan zitten. ‘Het leven is veel te leuk en ik wil genieten van mijn kinderen.’ 

Maar ondanks haar veerkracht en positiviteit, is het niet altijd makkelijk. ‘Als moeder wil je toch bij je kinderen zijn’, legt Tamara uit. ‘Toen ik in het woonzorgcentrum terecht kwam zag ik het heel erg lang niet meer zitten. Ik wilde weg, maar kon echt niet meer thuis wonen. Sinds Ivy hier is komen wonen, is het voor mij een stuk leuker. Zij geeft me meer lucht'.  

Elkaar erdoorheen slepen

Koffie drinken, uit eten gaan of de stad in: de vriendinnen gaan graag samen op pad. ‘Dan houdt Ivy zich vast aan de achterkant van mijn rolstoel, want anders schiet het niet op. Zij is veel langzamer dan ik. We slepen elkaar er letterlijk doorheen’, vertelt Tamara.

Want ook in moeilijke tijden vinden ze steun bij elkaar. ‘Als ik mijn dag niet heb zegt Ivy: “Niet huilen, dat is nergens voor nodig. Als jij gaat huilen, ga ik ook huilen.” Dan ben ik ook snel weer bijgedraaid.’ 

‘Ik heb Tamara echt nodig’, vult Ivy aan. ‘Het is zoals het is, daar moet je mee dealen. Hoe moeilijk dat soms ook is. Maar het heeft geen zin om terug te kijken.’

Meer inspiratie?

Schrijf je dan in voor de KRO-NCRV inspiratienieuwsbrief

Kim-Lian van der Meij